We weten al langer dat het brein en het hart elkaar beïnvloeden. Stress kan je hartslag opjagen, angst kan pijn op de borst veroorzaken, en een depressie kan je herstel na een hartaanval vertragen. Maar er is nóg een verbinding die tot voor kort weinig aandacht kreeg: die tussen neurodivergentie – zoals ADHD en autisme – en hart- en vaatziekten (HVZ).
Waarom is dit interessant? Omdat mensen met ADHD of autisme vaak te maken hebben met extra uitdagingen: slaapproblemen, chronische stress, andere leefgewoonten, en soms medicatie die het hart beïnvloedt. Observatiestudies laten zien dat ze vaker hartproblemen hebben dan gemiddeld. Maar dat soort onderzoeken kan nooit 100% zeggen of het om oorzaak en gevolg gaat. Misschien speelt er iets anders mee, zoals overgewicht of roken.
Onderzoekers wilden weten: is er een direct, genetisch bepaald verband tussen ADHD of autisme en hartziekten? Of zijn de linkjes vooral het gevolg van leefstijl en omgeving? Om dat te achterhalen, gebruikten ze een speciale techniek: mendeliaanse randomisatie.
Wat is mendeliaanse randomisatie en waarom is dat handig?
Mendeliaanse randomisatie (MR) klinkt ingewikkeld, maar het idee is verrassend simpel. Stel: je wilt weten of koffie drinken hartkloppingen veroorzaakt. Alleen: mensen die veel koffie drinken, slapen misschien ook minder, sporten anders, of hebben stress. Dan weet je niet of het de koffie is of iets anders.
Bij MR gebruiken onderzoekers genetische varianten die samenhangen met een eigenschap – in dit geval bijvoorbeeld de neiging tot ADHD – als een soort ‘natuurlijke randomisatie’. Je genen krijg je willekeurig van je ouders, dus ze zijn niet beïnvloed door latere leefstijlkeuzes of omgeving. Zo kun je beter inschatten of er een oorzakelijk verband is.
In dit onderzoek combineerden de auteurs gegevens uit grote genetische databases, zoals de Psychiatric Genomics Consortium, UK Biobank, FinnGen en MEGASTROKE. Zo konden ze miljoenen DNA-varianten koppelen aan zowel ADHD of autisme als verschillende hart- en vaatziekten. En ze keken in twee richtingen:
- Verhoogt ADHD of autisme de kans op hartziekten?
- Of verhoogt een hartziekte juist de kans op ADHD of autisme?
Wat het onderzoek precies bekeek
De onderzoekers verzamelden 14 mendeliaanse randomisatiestudies van hoge kwaliteit. Ze richtten zich op volwassenen van hoofdzakelijk Europese afkomst, wat handig is om genetische verschillen door afkomst te minimaliseren (maar minder handig voor de toepasbaarheid op de hele wereld). Ze keken naar een breed scala aan hart- en vaatziekten:
- Coronaire hartziekte (vernauwing van kransslagaders)
- Hartfalen
- Atriumfibrilleren (boezemfibrilleren)
- Beroerte (en subtypes)
- Hoge bloeddruk
- Hartinfarct
- Aangeboren hartafwijkingen
De analyses werden in beide richtingen uitgevoerd: van autisme of ADHD naar hartziekte, en omgekeerd.
ADHD en hart- en vaatziekten: De link
De uitkomsten waren duidelijk: mensen met een genetische aanleg voor ADHD hadden een hoger risico op coronaire hartziekte, hartfalen en beroerte. De kans op bepaalde vormen van beroerte, zoals grote-slagader-atherosclerotische beroerte, lag significant hoger.
Opvallend: er was geen genetisch verband met hoge bloeddruk of hartinfarct. Dat is interessant, want hoge bloeddruk wordt vaak gezien als dé grote boosdoener voor hartproblemen. Mogelijk spelen bij ADHD andere routes een grotere rol, zoals ontstekingsprocessen of stressreacties via de HPA-as (het stresshormoonsysteem).
Hoe zou ADHD het hart kunnen belasten? Denk aan:
- Verhoogde stresshormonen door constante alertheid of onrust
- Slaaptekort, wat bloeddruk en hartslag kan verstoren
- Minder gezonde leefstijl (minder beweging, ongezonder eten)
- Medicatie zoals stimulantia, die soms het hartritme beïnvloeden
Een herkenbaar voorbeeld: iemand met ADHD vergeet regelmatig te eten, grijpt dan naar snelle suikers, slaapt onregelmatig en ervaart veel stress door deadlines. Op lange termijn kan dat het hart onder druk zetten.
Autisme en hart- en vaatziekten: Subtieler, maar niet onschuldig
Bij autisme waren de verbanden minder breed, maar wel duidelijk: een genetische aanleg voor autisme hing samen met een hoger risico op hartfalen en boezemfibrilleren. Voor coronaire hartziekte, beroerte, hoge bloeddruk en hartinfarct werd geen oorzakelijk verband gevonden.
Waarom juist boezemfibrilleren? Eén theorie is dat chronische stress en slaapproblemen – veelvoorkomend bij autisme – invloed hebben op het autonome zenuwstelsel, dat het hartritme regelt. Ook kunnen antipsychotica, die soms (meestal laaggedoseerd) worden voorgeschreven bij autisme, het hartritme beïnvloeden.
Belangrijk: geen enkel genetisch verband betekent dat er géén risico is. Leefstijl, medicatie en andere factoren kunnen nog steeds meespelen.
Als het hart het hoofd beïnvloedt
In de omgekeerde richting waren er minder stevige verbanden. Het opvallendste resultaat: boezemfibrilleren verhoogde het risico op ADHD. Dat klinkt vreemd, maar er zijn mogelijke verklaringen. Een hartritmestoornis kan leiden tot slechtere doorbloeding van de hersenen, vermoeidheid en cognitieve klachten, wat mogelijk ADHD-achtige symptomen versterkt.
Voor de meeste andere combinaties – bijvoorbeeld hartfalen → autisme – was het bewijs nog te mager of niet significant.
Waarom de verbanden waarschijnlijk bestaan
Er zijn verschillende mogelijke oorzaken voor de koppeling tussen ADHD, autisme en hartziekten:
- Genetische overlap – sommige DNA-varianten beïnvloeden zowel hersenontwikkeling als hartfunctie.
- Leefstijl – minder bewegen, ongezonde voeding, meer roken of alcoholgebruik.
- Medicatie-effecten – stimulantia bij ADHD en antipsychotica bij autisme kunnen invloed hebben op bloeddruk en hartritme.
- Stress en slaap – chronische stress en slechte slaapkwaliteit zijn funest voor het hart.
- Ontstekingsprocessen – laaggradige ontsteking kan zowel hersenen als hart schaden.
Nederland en België
In Nederland en België wordt de hartgezondheid meestal pas actief gemonitord als er al duidelijke risicofactoren zijn, zoals hoge bloeddruk of diabetes. Deze studie laat zien dat ook neurodivergentie een signaal kan zijn om extra alert te zijn.
Dat betekent niet dat iedereen met ADHD of autisme jaarlijks een hartscan nodig heeft. Wel kan het zinvol zijn om bij controles standaard bloeddruk, cholesterol en leefstijlgewoonten mee te nemen. Huisartsen, psychiaters en cardiologen zouden vaker moeten samenwerken, zeker als er medicatie wordt gebruikt die het hart beïnvloedt.
Wat moet er nog onderzocht worden?
- Hoe spelen leeftijd, geslacht en medicijngebruik een rol in de verbanden?
- Geldt dit verband ook voor mensen buiten Europa?
- Welke rol spelen specifieke leefstijlfactoren precies?
- Kunnen preventieve maatregelen het risico verlagen?
Zonder deze antwoorden blijft het lastig om concrete richtlijnen te maken.
Kost samengevat
- ADHD verhoogt genetisch de kans op coronaire hartziekte, hartfalen en beroerte.
- Autisme verhoogt genetisch de kans op hartfalen en boezemfibrilleren.
- Hypertensie en hartinfarct tonen geen genetisch verband met ADHD of autisme.
- Boezemfibrilleren kan het risico op ADHD verhogen.
- Vroege leefstijlinterventies en monitoring kunnen mogelijk risico’s beperken.
Ryszkiewicz P, Malinowska B, Jasińska-Stroschein M. Evaluating the Causal Effects of ADHD and Autism on Cardiovascular Diseases and Vice Versa: A Systematic Review and Meta-Analysis of Mendelian Randomization Studies. Cells. 2025 Jul 31;14(15):1180. doi: 10.3390/cells14151180. PMID: 40801611; PMCID: PMC12345925.



